17 december 2016 door Bas Govers

Op Thanksgiving was het weer zover. Een volkomen verkeersinfarct in Los Angeles. Niet dat ze daar niets gewend zijn; highway 405 wordt in de volksmond ook wel 4 à 5 genoemd, verwijzend naar het aantal uur dat je er gemiddeld doorbrengt. Het sprookje van de ‘city of highways’ is veranderd in een nachtmerrie. Als ergens duidelijk is dat de weg naar alsmaar meer asfalt doodloopt, is dat in Los Angeles. In november stemde de bevolking per referendum in met een belastingverhoging voor beter openbaar vervoer: dat levert het plaatselijk openbaarvervoerbedrijf $ 3,5 mrd per jaar op. Daarmee komt de weg vrij voor een transformatie van mobiliteit.

Met de toegenomen filelast en de verkiezingen in aantocht, staat ondertussen bij ons in Nederland de roep om meer asfalt weer hoog op de agenda. Maar doorgaan met asfalteren biedt geen oplossing. De koppeling tussen economische groei en asfalt gaat niet langer meer op. Mensen die de reistijd per auto nu te lang vinden, stappen meteen wéér in de auto als er een extra rijstrook is aangelegd. En samen staan we vast aan de rand van de steden. Voor meer asfalt is hier geen ruimte. Sterker nog: in de steden eisen fietsers steeds meer ruimte op.

En er is meer slecht nieuws: een toenemend aantal mensen moet in de steden zijn omdat de werkgelegenheid daar naartoe trekt. Meer asfalt lost daarom voor deze mensen niets op. De mensen die in de stad werken willen hun werk vanuit de omliggende regio kunnen bereiken. Voor bezit en gebruik van particuliere auto’s is in de steden steeds minder ruimte. Hier speelt openbaar vervoer een cruciale rol: meer rechtstreekse verbindingen vanuit de regio naar de belangrijke bestemmingen in de steden en snellere verbindingen tussen de stedelijke gebieden onderling. Dit betekent dat de sprinters van NS en de metro en lightrail van stadsvervoerders tot één regionaal vervoersysteem geïntegreerd moeten worden. Tussen de stedelijke gebieden onderling moeten snelle en frequente verbindingen komen, waarmee binnen de Randstad in een uur van deur-tot-deur kan worden gereisd.

Fiets en openbaar vervoer vormen een sterke combinatie, zeker door de opkomst van de e-bike. Momenteel maken al ruim 200.000 reizigers gebruik van 10.000 ov-fietsen voor hun voor- en natransport. Dit aantal groeit snel. Er is ruimte nodig voor meer fietsenstallingen en betere fietsroutes van en naar stations. Ook faciliteiten als deelauto’s, vraagafhankelijke vervoersystemen en op termijn de zelfrijdende auto maken het de reiziger gemakkelijk. Hierdoor neemt de rol van de traditionele bus af.

Het is volstrekt logisch om vraag en aanbod met prijsprikkels meer in evenwicht te brengen. Zo maken we slimmer gebruik van de beschikbare capaciteit en wordt de vraag evenwichtiger verdeeld over de dag. Ervaringen in het buitenland zijn positief, hoewel de invoering steevast gevoelig ligt. Ga experimenteren in de gebieden waar de filedruk het hoogst is. Geld dat wordt binnengehaald (in de betreffende regio) moet weer worden geïnvesteerd in stedelijke bereikbaarheid. De vorm is minder van belang: een kilometerprijs op de (rijks)wegen of een binnenstedelijke heffing, al of niet geïntegreerd met parkeerheffing.

Alleen al binnen de vier grote steden is er een vraag naar 200.000 nieuwe woningen. Intensiveren in de grote steden is een duurzame en efficiënte strategie. Het voorkomt dat nog meer auto's de rijkswegen rond de steden belasten. Terwijl de auto in minder drukke gebieden juist het beste alternatief is. Maar de extra mobiliteitsvraag die al die extra inwoners met zich meebrengen kan binnen de stad onmogelijk door de auto worden opgevangen. Daarom is het noodzakelijk te bouwen in de nabijheid van het openbaar vervoer. Het bestaande ov-systeem kan verder verbeteren door hogere frequenties en nieuwe schakels: dit trekt weer extra reizigers. Zo ontstaat een positieve spiraal.

Grootschalige investeringen in de infrastructuur in de steden en de verstedelijkingsopgave zijn nog onvoldoende aan elkaar gekoppeld. Momenteel levert bouwen in een maagdelijk gebied buiten de stad betrokkenen meer op dan bouwen in bestaand stedelijk gebied. Dit wordt doorbroken wanneer we met slimme (financiële) prikkels een directer verband leggen tussen verstedelijking en bereikbaarheid. Rijk, provincies en gemeenten moeten hierin veel sterker samen optrekken op basis van een heldere visie voor de langere termijn.

We ontkennen het belang van de auto niet. Wel pleiten we voor een samenhangende strategie waarbij de aandacht verschuift van het oplossen van files op te lossen naar het beheersbaar houden van reistijden per auto. Dit vraagt om duidelijke keuzes. In de economisch belangrijke centra van de grote steden vormen fiets en openbaar vervoer de drager van de mobiliteit, daarbuiten speelt de auto een belangrijke rol. Inspelen op de economische dynamiek en de maatschappelijke noodzaak de klimaatdoelstellingen dichterbij te brengen maakt het nodig juist nu in het openbaar vervoer in de grote steden te investeren, gekoppeld aan ruimtelijke intensivering en woningbouw.

Tegelijkertijd is het noodzakelijk meer gebruik te maken van het prijsinstrument en nieuwe vormen van financiering te ontwikkelen voor de infrastructuur in de stad. Niet denken in één vorm van vervoer van deur tot deur, maar juist in het slim combineren van verschillende vormen van vervoer met goed ingerichte transferpunten aan de randen van de drukke gebieden. Ook zijn maatregelen nodig die gericht knelpunten oplossen, gekoppeld aan dynamisch verkeersmanagement, het verder doorvoeren van parkeerbeleid in de steden en ander prijsbeleid ontwikkelen waarmee wordt voorkomen dat knelpunten weer dichtslibben. Vrachtvervoer moet meer worden gebundeld over prioritaire 'doorstroomroutes'. Dit levert bovendien een bijdrage aan het beheersbaar houden van beheer- en onderhoudskosten van het wegennet, die vooral door de belasting van vrachtverkeer worden bepaald. Alles bij elkaar vormen dit de contouren van een samenhangende mobiliteitsstrategie voor een vitaal, leefbaar en aantrekkelijk Nederland.

Pepijn van Wijmen is urbanisator en directeur van APPM, Bas Govers is stadsstrateeg en topadviseur bij Goudappel Coffeng.

Bas Govers

Functie:
adviseur mobiliteit & ruimte
Werkmaatschappij:
Goudappel Coffeng
Telefoon:
(+31)(0)6 51 40 20 81
mail Bas

Agenda

Er zijn op dit moment geen evenementen waar Goudappel Coffeng te vinden is.

Welkom in de wereld van de Goudappel Groep

lees alles over de Goudappel groep ›